Het orgel is gebouwd in 1822 door J.W. Timpe en is nagenoeg in orginele staat gebleven. In 1977 is er een restauratie uitgevoerd door Mense Ruiter. Het orgel heeft 15 stemmen verdeeld over hoofdwerk 8 en bovenwerk 7 stemmen en heeft een aangehangen pedaal. De kas is uitgevoerd in mahonie-imitatie, het lofwerk aan weerszijden is groen geverfd met goudkleurige accenten.